BODY LANGUAGE

Schuin tegenover mij zit een jonge militair-in-opleiding. Er speelt iets in zijn privé leven waardoor hij niet voldoende gefocust is tijdens de werkzaamheden. Volgende week gaat zijn peloton naar de schietbaan, maar als hij dan nog steeds zo afgeleid is, mag hij uit veiligheidsoverwegingen niet meedoen. Een van zijn instructeurs had hem daarom geadviseerd om eens naar de dominee te gaan. ‘Hij moet even het hoofdje leegpraten, misschien dat dat helpt om de focus weer te vinden,’ zei de sergeant die de afspraak maakte namens de militair-in-opleiding. Nou, mooi is dat. De dominee als laatste redmiddel om de schietbaan op te mogen.

De jonge militair zit wat ongemakkelijk op de uitnodigende bank. Licht gespannen, beetje voorovergebogen, ellebogen op de knieën, alsof hij er zomaar ineens vandoor kan gaan. Het hele gesprek tot nu toe heb ik mijn best gedaan om niet mee te gaan in zijn ongemak, om rust uit te stralen, om vragen te stellen die hem kunnen helpen meer grip te krijgen op zijn situatie, om samen met hem mogelijkheden te verkennen om uit zijn impasse te komen. Maar ik heb het gevoel dat ik in dit gesprek al het werk moet doen. Terwijl ik niet eens belang heb bij de schietbaan. Mijn belang ligt natuurlijk bij zijn geestelijk welzijn. Maar blijkbaar gaat het hem veel te traag met al die open vragen. Hij krijgt iets onverschilligs over zich. Als het zó moet, dan ben ik er ook wel even klaar mee. Ik leun achterover, en wacht af tot hij iets gaat zeggen. Er volgt een lange stilte. Zijn rechterhand krabt een tatoeage op zijn linker onderarm. Het is een drieregelige tekst in het Spaans. De tekst lijkt wel een soort gebed. Maar hoe past dat gebed bij die stugge, gesloten jongen hier op de bank? Mijn voornemen om hem nu maar eens te laten investeren in ons gesprek verliest het van de nieuwsgierigheid, en ik begin te vragen: wat betekenen de woorden precies? Waarom juist die woorden? Hoezo Spaans? Wanneer heb je de tattoo laten zetten? Hij begint uit te leggen, en geleidelijk aan word ik deelgenoot van de zware momenten in zijn bestaan.

‘k Had het niet durven hopen, maar de tattoo bleek de sleutel tot het werkelijke gesprek. Dat wat de jonge militair op dat moment, heen en weer schuivend op de bank, niet zelf had kunnen verbaliseren, werd verteld door de zwarte inkt onder de opperhuid. Existentiële body language in de meest authentieke vorm. Verborgen of openlijk, maar onuitwisbaar. Je kunt ze mooi vinden of niet, maar tatoeages laten hoe dan ook iets zien van de identiteit van de drager. In zorgvuldig gekozen woorden en zelfontworpen afbeeldingen vertolken tatoeages levensverhalen met hoogtepunten, dieptepunten en vormende (zelf)inzichten die men heeft opgedaan. Het komt zelden voor dat iemand ‘zomaar’ een tattoo laat plaatsen. Soms zie ik bij de militairen van het schoolbataljon de meest wonderlijke statements, symbolen en sleeves, en ik besef: dit zijn nooit alleen maar oppervlakkige versieringen van het lichaam. Tatoeages verwijzen ook naar een diepere ervaring of overtuiging. Tatoeages zijn een persoonlijke belijdenis en ze stellen een andere werkelijkheid present. Tatoeages reflecteren een proces van betekenisgeving dat gepaard gaat met geduld (het lange wachten op de afspraak), het snijden, de pijn, het bloed, een zichtbaar teken onder de huid, de verzorging van open wonden. Op de één of andere manier zetten tatoeages me op het spoor van Hem, die zijn eigen wonden toonde als een merkteken van zijn identiteit als levende Heer – was dat geen body language in de meest authentieke vorm?

Deborah van den Bosch-Heij

d.vd.bosch.heij@mindef.nl

Meer nieuws