mijmering: Mannen om niet te vergeten...

Het was op 27 februari van dit jaar: de herdenkingsdienst in de Kloosterkerk in Den Haag ter gelegenheid van 75 jaar Slag in de Javazee. In mijn overweging daar, had ik het verhaal verteld van een man die mij al een aantal jaren intrigeerde. Het was de majoor-machinist Jan Huisman die, 38 jaar oud, met Hr. Ms. De Ruyter omkwam in de Slag.
Wij weten iets van zijn laatste uren uit de mond van de korporaal-monteur Jaap Hoogenboom (1916-2013). Kort nadat Hr. Ms. Kortenaer gezonken was, had de majoor enkele mannen bij elkaar geroepen in zijn hut. Huisman had met hen Psalm 91 gelezen: Wie in de schuilplaats van de Allerhoogste is gezeten, die zal overnachten in de schaduw van de Almachtige… Enkele uren later kwam hij om in de golven…
Wie was toch deze Jan Huisman (1906-1942) over wie tientallen jaren later nog gesproken werd? Was er nog familie? En hoe zou het hen zijn vergaan?
 
Na de herdenkingsdienst kwam er een mevrouw naar mij toe: een kleindochter… Samen met haar nicht en tante wilde ze deze herdenking bijwonen. De tante, Adri, stelde zich voor als de oudste dochter van Huisman. Hij had nog twee dochters, Joke en Suus, de moeders van de beide nichten, maar die waren inmiddels overleden.
Adri vertelde dat Suus 11 maanden was toen hun vader naar Indië vertrok. Het was anders gelopen dan de bedoeling was geweest… Vader zou in 1938 met zijn gezin 4 jaar naar Indië gaan. Eén van de dochters werd echter ziek. Conform de regelgeving ging hij toen alleen; voor 2 jaar. Thuis had hij met hen nog Psalm 121 gelezen voor hij naar Indië vertrok met de Sibajak. Vanaf toen had deze psalm voor het gezin bijzondere betekenis.
Omdat haar man in dienst van de marine doorvocht tijdens de oorlog betaalde de Duitse bezetter moeder niet meer dan 25% van Huismans salaris. Dat was de regel… En dus hadden familie en anderen moeder met haar drie kinderen de oorlog doorgeholpen.
Vader had het altijd belangrijk gevonden dat zijn dochters zouden doorleren. Hij wilde hen niet naar de huishoudschool hebben. Indachtig aan hun vaders voornemen, had hun moeder na de oorlog alles op alles gezet en zo hadden ze alle drie hun MULO-diploma behaald.
Lang was moeder blijven hopen op de terugkeer van haar man. Ook na de brief van de minister begin 1946: ‘Aangenomen moet worden, dat Majoor Huisman om het leven is gekomen…’ Nauwlettend bleef ze de berichtgeving over de Slag en de lotgevallen van de schepen bijhouden. Ze putte er hoop uit dat haar man ooit zou terugkeren.
Na jaren van hopen drong levendeweg het besef door dat Jan niet terug zou keren. Maar de dankbare herinneringen aan ‘mijn innig geliefde, onvergetelijke Man en der kinderen lieve zorgzame Vader’ blijven.
Zo zaten we daar 75 jaar later: mannen om niet te vergeten… 
 
dominee Wilco Veltkamp,